Hemipilia cucullata (L.) Y.Tang, H.Peng & T.Yukawa 2015

Kapjesorchis

Frans : Hemipilia

Engels : Hooded Hemipilia

Duits : Kapuzenorchis

Synoniemen  

Orchis cucullata Linnaeus 1753 (basioniem)

Neottianthe cucullata (L.) Schlechter 1919

Ponerorchis cucullata (L.) X.H.Jin, Schuit. & W.T.Jin 2014

Etymologie  

De genusnaam Hemipilia is afkomstig van de samenvoeging hemi + pileatum en heeft betrekking op de 2 tegenoverstaande, ovale bladeren die aan de voet van plant groeien en vaak half verstopt zijn tussen de dennennaalden of mos.
De soortnaam cucullata betekent “gekapt” of “met kap” en slaat op de kap/helm die wordt gevormd door de buitenste petalen en de drie sepalen

Beschrijving

Plant klein, bijna nooit hoger dan 20 cm wordend. Bloemen zéér klein waardoor de plant in het begin vaak moeilijk te spotten is. Twee tegenoverstaande bladeren die zich aan de voet van de stengel bevinden en ovaal tot lancetvormig zijn. Aan de stengel kan je ook halverwege één tot drie kleine, schutbladachtige bladeren vinden. De bloeiwijze bestaat uit een ijle tros waarin tot 12 bloemen kunnen groeien. Vaak zijn de vruchtsteeltjes zodanig gebogen dat alle bloemen in dezelfde richting wijzen. (unilaterale bloemstand). De lip is diep drielobbig ingesneden met een lichter centrum waarin zich enkele donkere vlekjes zitten. Alle andere bloemdelen vormen een – naar verhouding – grote, vooruitstekende helm die het zuiltje volledig bedekt. Het spoor is verhoudingsgewijs erg groot. Het is gebogen en eindigt op een zakvormige verdikking die nectar bevat. Er zijn meldingen gemaakt van bestuiving door Bombus pasquorum. Zelf kon ik ook kleine hommels waarnemen die een aantal planten bezochten, maar ze bleven nooit lang zodat ik geen verdere informatie kan geven.

Variabiliteit

Op de groeiplaatsen in Europa vertoont de plant weinig variabiliteit. De bloemkleur kan wel variëren van crème tot dieproze.

Bloeitijd

In het Europese deel van de verspreiding begint de bloei eind juli – begin augustus en duurt maximaal 3 weken.

Habitat

In Polen, Litouwen en Letland komt deze soort voor in gemengde bossen van eik en den of middeloude dennenbossen op vochtige, zandige bodem met weinig tot beperkte onderbegroeiing. De kapjesorchis staat zowel op kale bodems met vele dennennaalden of in de moslaag. Begeleidende soorten zijn o.a. Epipactis helleborine, Epipactis atrorubens en Goodyera repens.

Verspreiding

Deze soort heeft een enorm verspreidingsgebied van Oost-Europa tot in China, Japan en Korea. In het Europese deel van zijn verspreiding zijn er groeiplaatsen in Polen, Litouwen, Letland en Wit Rusland.

Gelijkende soorten

Deze soort is zo typisch dat hij niet met een andere orchidee kan verward worden. 

Opmerkingen

Het genus Hemipilia bezit maar één vertegenwoordiger in het Europese deel van zijn verspreiding, maar in Azië zijn er meer dan 70 taxa van dit genus beschreven.

Walter Van den Bussche

Literatuur

Claessens J. & Kleynen J., 2011 : The flower of the European Orchid – Form and Function. Claessens & Kleynen, Voerendaal/Stein. 440 p.

Griebl Norbert & Presser Helmut, 2021: Orchideen Europas. Kosmos Naturführer, Stuttgart.496 p.

Kreutz C, 2024: Orchids of Europe, North Africa and the Middle East. Kreutz Publishers, Eys. 1200 p.

Kühn Rolf, Pedersen Henrik & Crib Phillip, 2019: Field Guide tot he Orchids of Europe and the Mediterranean. Kew Publishing, Royal Botanic Gardens, 430 p. 



Tekst : Walter Van den Bussche. video : Patrick Mannens, foto’s :  Martin Jansen, Luc Segers, Walter Van den Bussche, Jacques Kleynen.  Met dank aan de vele fotografen die ons beeldmateriaal bezorgden van deze soort.

Volgende maand :

Epipactis purpurata var. chlorophila

Alle foto’s zijn welkom.  Stuur ze naar secretariaat@semo.vlaanderen.

Alvast bedankt.