Inleiding :

Wie orchideeën wil zien, en wie wil dat niet…, bezoekt graag alle terreinen waarop tenminste een aantal orchideeën te zien is. Vaak blijft het dan bij een eenmalig bezoek, en landen de gedane waarnemingen in een opschrijfboekje of worden waarnemingen online opgeslagen, op de site waarneming.nl, waarnemingen.be of observation.org, afhankelijk van het land waar je je in bevindt. Indien er een foto bij de waarneming staat, kan die gevalideerd worden, waarna de waarneming in openbare databases zoals bv. in Nederland de NDFF (Nationale Databank Flora en Fauna) opgenomen wordt. De data zijn dan voor onderzoek toegankelijk en blijven bewaard, in tegenstelling tot veel opschrijfboekjes, waar een grote kans bestaat dat die na overlijden van de ijverige waarnemer bij het oud papier belanden.

Meer doen met je data :

Toch kun je nog meer doen met je data dan alleen registreren wat je ziet. Vooral als je een natuurgebied in je buurt vaker bezoekt, kun je veel data verzamelen en waardevolle tijdreeksen opbouwen. Daarmee krijg je zicht op de ontwikkeling van de flora van een gebied: breidt een populatie zich uit, krimpt ze of verplaatst ze zich? Nog interessanter wordt het, als je individuele planten kunt volgen. Dat was vroeger, dat wil zeggen de tijd voor de gps-apparaten en smartphones, ook mogelijk, maar het volgen van planten vergde veel tijd en moeite. Men koos twee vaste punten in het terrein, die ook gedurende de jaren onveranderlijk bleven en terug te vinden waren. Dat konden twee bomen zijn, of twee paaltjes in de grond, of een ijzeren markering net onder het maaiveld, die met een metaaldetector teruggevonden kon worden. Aan die twee punten werden twee meetlinten bevestigd, die zich op de plaats van een plant kruisten. Daarmee kon men dan de “coördinaten” van iedere plant bepalen. Het waren dan niet de coördinaten zoals we die tegenwoordig kennen (lat-lon coördinaten), maar een links-rechts afstand ten opzichte van de twee vaste punten (bv. 3,75 meter links, 2,54 meter rechts). Deze methode is heel nauwkeurig, je vindt de plek waar het voorafgaande jaar een plant stond exact terug. Maar zoals gezegd, de methode vraagt nogal wat tijd.

Tegenwoordig kun je met een gps-ontvanger of een smartphone ook de exacte coördinaten van een plant opnemen. Gps-apparaten zijn doorgaans nauwkeuriger, maar voor de meeste monitoringdoelen volstaat een smartphone ruim voldoende.

Smartphone :

Bij monitoring van orchideeën gaat het niet zozeer om de exacte locatie van één plant, maar vooral om het volgen van de hele populatie gedurende langere tijd. Je krijgt dan een beeld hoe het met de populatie gaat: groeit ze, krimpt ze of verplaatst ze zich in het terrein? Dat zijn ook belangrijke zaken voor de beheerder van het terrein, die aan de hand van meerjarige datareeksen zijn beheer kan aanpassen. Let er wel op dat je toestemming nodig hebt van de terreinbeheerder om de planten in te meten.

Voor zulke datareeksen is een smartphone heel geschikt. Met behulp van een app kun je de coördinaten van iedere plant opnemen. Daarvoor maak ik gebruik van het programma ObsMapp (voor android gebruikers). Voor Apple gebruikers is een soortgelijk programma beschikbaar, iObs. Het opnemen van een waarneming (waarbij automatisch tijd en coördinaten opgeslagen worden) is heel eenvoudig. Je opent het programma, drukt op de knop waarneming, voert in het invoerveld de naam van de plant in, houdt de smartphone boven de plant en drukt vervolgens op opslaan. Als je steeds dezelfde soort wil invoeren, is het handig om de soort vast te zetten, zodat je niet steeds dezelfde naam moet invoeren. Dat vastzetten gaat als volgt: klik in het overzichtsvenster van ObsMapp op de knop “instellingen”. In het venster dat volgt, zie je rechts boven twee kartelwieltjes, druk daar op. Dan kom je in een nieuw venster, scroll naar beneden tot je de tekst “soort onthouden” ziet. Vink dan het hokje achter de tekst aan, en je soort staat nu vast. Alles wat je dan nog moet doen, is je smartphone boven iedere plant houden en op opslaan klikken.

Kaarten maken :

Als je na het terreinbezoek je waarnemingen uploadt, kun je later ook alle data weer van de site (waarneming.nl, waarnemingen.be of observation.org) downloaden. Ga naar de site, klik op “mijn waarnemingen”, selecteer de door jou gewenste soort en periode. Onderaan de pagina staat dan een downloadknop, waarbij je een bestandsformaat kunt kiezen. Wil je alle door jou opgenomen punten in Google Earth zien, klik dan bij “download” op “KML”. Als je dan de download opent, verschijnen automatisch je waarnemingen als pushpins op de kaart. Nadeel is wel, dat ook de namen en data van de orchideeën bij de pushpin staan, wat de weergave onrustig maakt. Om die namen niet te laten zien, moet je een ander bestandsformaat downloaden, namelijk “CSV”. Klik in Google Earth op de knop “importeren” en volg verder de instructies. Lijkt je dat wat te moeilijk, bedenk dan dat voor ieder probleem al een oplossing op het internet staat. Gebruik als zoekterm “kaartgegevens importeren en wijzigen in Google Earth”, en je leest precies hoe je de gegevens kunt importeren. De punten staan dan op de kaart zonder namen erbij.

QGIS :

Er is een heel mooi en gratis programma waarmee je zelf kaarten kunt maken: QGIS. Het vraagt in het begin wel wat oefening, maar online zijn talloze uitlegvideo’s (tutorials) te vinden die je op weg helpen. Met dit programma kun je niet alleen je gegevens inladen, maar je kunt ook zelf kiezen welke kaart je als achtergrondkaart gebruikt: een luchtfoto, openstreetmap, een topografische kaart of zelfs een kadastrale kaart. Alle kaartmateriaal is gratis te downloaden en te gebruiken. Je kunt gegevens van meerdere jaren importeren en zo de verschillende jaren met elkaar vergelijken. En hoe langer je monitoringreeks, des te waardevoller wordt de informatie.

Je zult merken dat het mes aan twee kanten snijdt: je krijgt een veel beter zicht op de evolutie van het terrein en verheugt je op een nieuw seizoen, om te zien hoe het met “jouw” planten gaat. De terreinbeheerder kan de gegevens voor zijn beheer gebruiken en zal dat ook graag doen, want voor zulke monitoring ontbreekt gewoonlijk de tijd.

Met relatief weinig inspanning kun je zo bijdragen aan het behoud van de kwetsbare natuur in je omgeving. En je zult merken: hoe langer je monitort, hoe leuker het wordt!

Orchideeën

NVDR : 

Beste Leden, 

vorig jaar gaf ons medelid Jean Claessens, een lezing op de najaarsbijeenkomst in Meise waarin hij ons leerde hoe we onze veldgegevens op een eenvoudige en handige manier veel meer en beter kunnen laten renderen als waarnemingen. Hij legde ons uit dat met je veldgegevens, je hele makkelijk evoluties in orchideeënpopulaties kon weergeven. 

Door een vergetelheid van de eindredacteur werd de tekst die hij over de lezing schreef niet opgenomen in de meest recente Liparis. Omdat we deze tekst toch heel belangrijk vinden, bieden we hem aan via de website. 

Veel lees- en leerplezier! 

groetjes, 

Bart